Alkmaarse sporter van het jaar: Neal van de Kamer

Eind oktober werd judoka Neal van de Kamer uitgeroepen tot Alkmaarse Sporter van het jaar 2015. Hij ontving de Pannekeet prijs uit handen van de Sportraad Alkmaar. Ditmaal extra bijzonder want de prijs werd voor de laatste keer uitgereikt. De Sportraad houdt namelijk op te bestaan. Shuffle interviewt Neal over deze prijs, zijn carrière en zijn favoriete plekje in Alkmaar.

Neal, jij bent in 2015 uitgeroepen tot Sporter van het jaar van de gemeente Alkmaar, was dit een verrassing voor je?

Op zich wel. Ik ben blij dat ik gewonnen heb van Koen Verweij, omdat hij voor heel Nederland zo’n bekende sporter is. Ik vind het moeilijk om verschillende sporten met elkaar te vergelijken en daar dan een winnaar uit te kiezen. Ik vind het in ieder geval een eer dat ik de prijs heb gewonnen.

 

Je bent vijfvoudig Nederlands kampioen bij de senioren en tweevoudig winnaar van de World Cup in Tallinn. Welke wedstrijd of prijs wil je nog graag winnen?

De Olympische Spelen of een WK. Ik ben vijf keer Nederlands kampioen in drie gewichtsklassen geweest en dat is vrij bijzonder voor een judoka. Een EK, WK of de Spelen wil ik graag nog winnen. Momenteel ben ik bezig met de kwalificaties voor de Olympische Spelen. Ik hoop in de kwalificatierondes voldoende punten te halen zodat ik door kan gaan naar volgende rondes. Ik heb er alle vertrouwen in.

 

De prijs betekent veel voor me. Ik zie het als een waardering voor mijn vrienden en vooral voor mijn ouders, die mij altijd gesteund hebben.

Heb je tijdens je jeugd veel opzij moeten zetten voor de sport of zag je dat niet als een opoffering?

Op sommige momenten wel. Als vrienden gingen stappen en ze vroegen me mee, moest ik vaak ‘nee’ zeggen. Omdat ik mijn sportdoelen wilde nastreven, kon ik niet ieder weekend stappen en zeker niet ‘voluit’. Inmiddels ben ik blij met de keuzes die ik heb gemaakt, want de sport heeft me veel gebracht. Ik zie het echt als een gouden ervaring. Ik heb op mijn leeftijd al veel landen gezien zoals bijvoorbeeld Korea, Japan en Brazilië. Ik ga bijna de hele wereld over voor de sport.

Stel je nu, nadat je al vele successen geboekt hebt, nog hoge eisen aan jezelf? Of gaat het als vanzelf?Ik begin elk jaar met het opschrijven van doelen voor het nieuwe seizoen in een speciaal boekje dat ik hiervoor heb. Die doelen neem ik voor iedere training in me op om het beste uit mezelf te halen. De doelen gaan dan bijvoorbeeld over de technieken en de trainingen, die ik wil verbeteren.

 

Ik ben nu 26, dat is echt een topleeftijd voor een judoka. Dit is het moment om het beste uit mezelf te halen. Ik heb nu de hoogste doelen ooit. Niks is onmogelijk in mijn ogen.

 

Wanneer en hoe ben je begonnen met judo? En had je toen al topsportambities?

Ik ben begonnen toen ik vier jaar was. Mijn ouders gaven me op voor judo, nadat ze een advertentie hadden gezien in de supermarkt ofzo. Ik was altijd al een sportief en mijn ouders ook. Ik vond de sport meteen leuk en al snel liep het uit de hand. Vanaf mijn zesde deed ik mee aan wedstrijden en won ik alles.

Toen ik bij de junioren zat, mocht ik voor de eerste keer naar de Nederlandse kampioenschappen en werd ik derde, dacht ik. De tweede keer dat ik meedeed, werd ik kampioen. Bij de junioren mocht ik naar het WK en EK. Toen kwam het moment dat ik keuzes moest maken: topsport of niet? Ik heb nog elke dag plezier. Niet elke training is leuk natuurlijk, vaak ga je echt kapot. Maar 90% van de tijd heb ik plezier.

Ook werk ik samen met een oud judo-maatje voor G-bootcamp. Deze stichting heeft als doel om kinderen met een beperking aan het sporten te krijgen.

 

Naast de sport geef je clinics en lezingen. Kun je hier wat over vertellen?

Ik doe mee aan een schooljudo-project. In een project van zes weken komt schooljudo naar de kinderen toe. Ik vind het leuk om kinderen te inspireren, dat geeft me energie. Soms word ik ook gevraagd voor lezingen. Ik geef dan mentale technieken om leren om te gaan met spanning. Deze technieken heb ik zelf geleerd om tijdens een wedstrijd om te gaan met wedstrijdspanning. Als je teveel spanning hebt, kun je niet presteren. De lezingen doe ik vaak voor mensen in het bedrijfsleven die helemaal niks met sport hebben.

 

Tot slot: wat is jouw favoriete plekje van Alkmaar?

Lunchen in en een rondje lopen door de stad vind ik altijd leuk, maar de mooiste plek voor mij is toch mijn eigen huis. Dit huis is van mijn oma geweest, hier heb ik hele mooie herinneringen uit mijn jeugd, en nu is het mijn eigen huis.

Geef een reactie